Zelfinzicht of zelfkritiek, altijd lastig voor een politicus.

Zelfinzicht of zelfkritiek zijn eigenschappen die meeste
politici zichzelf wel toedichten maar slechts zelden belijden en dan meestal
alleen maar onder groeiende druk van buitenaf.

Zojuist lees ik dat Vicepremier Verhagen in Tros Kamerbreed gezegd
heeft dat de bisschoppen bij zichzelf te rade moeten gaan of moeten aftreden.
De kerk moet zich volgens jou afvragen waarom er in Nederland 4 miljoen
katholieken zijn en maar 200.000 kerkgangers.

Maxime kijk eens in een spiegel en vraag jezelf eens af hoe
het komt dat onder jouw leiderschap de partij gekelderd is van 21 zetels nu,
naar 11 zetels in de laatste peilingen. Er zijn in Nederland zo’n 12 miljoen
kiesgerechtigden en bij 11 zetels betekent dit zo’n 690.000 stemmen op het CDA
als de opkomst gelijk zou zijn als bij de verkiezingen van 2010. In Nederland
zijn er zo’n kleine 7 miljoen mensen verbonden aan Christelijke kerken. Slechts
10% van jullie potentiële kiezers kan zich dus vinden in het CDA onder jouw
leiderschap.

Toegegeven de cijfers die jij noemt voor de Katholieke kerk
zijn nog beroerder, slechts zo’n 5%. Maar daar is het duidelijk. Het probleem
zit niet de overtuiging die ze uitdraagt maar in het instituut en hoe zij met
haar leiderschap en volgelingen omgaat en omging.

Waar knelt het bij het CDA op dit moment? Het leiderschap,
hoe ze met haar kiezers omgaat of de ideeën die jullie op dit moment uitdragen?
Het lijkt mij dat jij ook al enige tijd aan het ontkennen bent dat er iets
serieus mis is. Ik twijfel er niet aan dat het moment niet ver meer weg is, dat
ook jij het boetekleed aan zult moeten trekken. Ik ben alleen benieuwd of, als
het moment daar is, jij dit zult doen omdat de bewijzen zich tegen je opstapelen.
Of dat het voortkomt uit een moment van zelfreflectie waarin je tot de slotsom
komt dat het belang van CDA boven dat van jou zelf gaat.

Goed doordacht sociaal beleid

Tien jaar geleden zag ik de huidige minister van Sociale Zaken voor het eerst op televisie in zijn functie als Tweede Kamerlid. Met verbazing hoorde ik aan wat voor ideeën er in
dat hoofd van hem huisden. Het betrof toen vooral zijn gedachten over
asielzoekers en ik dacht bij mijzelf, bij deze man is het sociaal denken en
zich kunnen verplaatsen in de positie van een ander niet erg sterk ontwikkeld. In
het huidige politieke landschap lijkt dit juist een aanbeveling te zijn om op
de plek te belanden waar je zeker niet thuis hoort.

 

In de afgelopen twee dagen heb ik twee voorstellen van hem gelezen waar ik van denk wat heeft dit met sociaal te maken, maar waar hij blijkbaar een jaar de tijd voor nodig gehad
heeft om er over te broeden. Het storende aan de voorstellen is dat ze zo
slecht doordacht zijn en ver van de werkelijkheid staan.

 

Het eerste voorstel begint met de constatering dat wij in Nederland een half miljoen mensen hebben onder de 65 met een uitkering. Er zijn 300.000 mensen uit andere Europese landen hier werkzaam en wij hebben honderdduizend vacatures. Dus het werk is
er. Dit betekent dat als er werk elders is jij daarvoor zult moeten verhuizen
of reizen. Dit willen wij op gaan leggen aan mensen met een bijstandsuitkering.

 

Jarenlang is er vanuit de politiek op gehamerd dat een bijstandsuitkering geen luxe uitkering mag zijn. Hij is bedoeld om in de meest noodzakelijke levensbehoeften te
voorzien. Hoe dit in de praktijk uitwerkt is wel duidelijk door het toenemend
aantal mensen dat gedwongen gebruik maakt van voedselbanken. Vanwege het feit
dat voor woningen bijna overal wachtlijsten zijn van jaren zal je dus
aangewezen zijn op reizen. Als verhuizen wel een optie is waarvan moeten de
verhuiskosten en inrichtingskosten van betaald worden als je nu al je hoofd
niet boven water kan houden? Hetzelfde geldt natuurlijk voor het reizen. Waarvan
betaal je een maand lang het reizen tot het moment dat het eerst verdiende geld
op jouw rekening gestort wordt? Hopende dat het bedrag dat je gaat verdienen
voldoende is om die reiskosten te dekken. En dat is natuurlijk het volgende
punt; die honderdduizend vacatures die blijkbaar niet vervuld kunnen worden
zijn er al jaren dus die kunnen wij in het bovenstaande rekensommetje buiten
beschouwing laten. Blijven de 3000.000 concurrenten uit voornamelijk Oost Europa.
De reden dat deze mensen hier werk hebben is omdat ze zo goedkoop zijn voor de
werkgevers en de reden dat deze mensen zo goedkoop kunnen werken in ons land is
dat ze relatief weinig geld uitgeven aan huisvesting en gas en licht. De enige
manier om de strijd aan te gaan met deze mensen om een baan is door bereid te
zijn te werken tegen een lager loon dan waar zij voor werken. Maar die Oost Europeanen
werken al voor het merendeel tegen het wettelijk minimumloon, dus hoe kan je
daar onder gaan of op basis daarvan hoge dagelijkse reiskosten van betalen?

 

Het tweede voorstel is een aanscherping van de ziektewet. Voor mensen met een tijdelijk contract wordt de hoogte van de uitkering afhankelijk van de tijd die ze gewerkt hebben.
Bij ziekte krijgen ze eerst 70% van het loon en daarna gaat het, afhankelijk
van het aantal maanden dat je gewerkt hebt terug naar 70% van het minimumloon.
Al jaren is het zo dat als je in dienst treed bij een (nieuwe) werkgever je een
tijdelijk contract aangeboden krijgt. Dit is dus een maatregel die iedereen
treft die van baan verwisseld of deel begint te nemen aan het arbeidsproces. Ik
moet hierbij denken aan een secretaresse die bij ons kwam werken en na de
eerste werkdag op weg naar huis geschept werd door een auto, met een
gecompliceerde beenbreuk als gevolg. Dus zou de uitkomst van dit voorstel zou
voor haar geweest zijn een heel snelle terugval in inkomen terwijl ze een goed
betaalde baan had bij haar vorige werkgever. Als deze maatregel bedoeld is om
de arbeidmarkt flexibeler te maken dan schiet het zijn doel wel erg voorbij.

 

Er wordt gepropageerd dat de toekomst voor Nederland ligt bij het flexwerken maar als overheid ga je de rechten van deze werknemers vervolgens uitkleden. Volgens mij gaat de
arbeidsmarkt door dit soort maatregelen steeds meer op slot zitten. Een ander
voorbeeld van dit soort beleid is dat de banken de verplichting opgelegd
gekregen hebben spaarzamer om te gaan met het verstrekken van hypotheken. Als gevolg
daarvan krijg je alleen nog een hypotheek als je een vaste baan hebt. De flexwerker
is wat dat betreft volledig buitenspel gezet met als gevolg dat de huizenmarkt
nog meer op slot is gaan zitten.

 

De lijn die ik bespeur in het beleid van minister Kamp’s denken is dat hij vooral gevangen zit in Wij en Zij denken. De flexwerker, de bijstandstrekker en de asielzoeker
worden in zijn denken gebrandmerkt op gronden die ik niet begrijp. Dit kabinet
verkoopt dit soort maatregelen onder het mom dat zij de verantwoordelijkheid
bij de mensen zelf legt, maar in werkelijkheid wentelt zij haar
verantwoordelijkheid af op mensen die niet in positie zijn om iets met deze verantwoordelijkheid aan te kunnen. Daar is niet sociaals aan.

 

Wat de basis is voor zijn Wij en Zij denken weet ik niet. Hij kan het in ieder geval niet ontlenen aan een superioriteitsgevoel over anderen op basis van zijn sociale en intellectuele capaciteiten.

De moderne mens

Ik heb ooit eens gelezen dat de moderne mens in een jaar
tijd meer informatie te verstouwen krijgt dan de middeleeuwer in zijn hele
leven. Misschien was het zelfs wel in een maand tijd. In ieder geval werd dit
nieuws gebracht als iets wat de moderne mens onderscheid van onze voorouders,
namelijk het vermogen om grote hoeveelheden informatie te verwerken en daar
daadwerkelijk iets mee te aan te kunnen vangen.

Radio, televisie, internet, sociale media, telefoon, e-mail,
sms’en, pings en twitter. De berichten vliegen je inderdaad om de oren in een
niet aflatende stroom.

Ik geloof er inderdaad best in dat de moderne mens,
opgegroeid in een tijd waarin deze informatiestromen tot ontwikkeling gekomen
zijn, daar makkelijker mee om kan gaan dan iemand die daar plompverloren
ingeworpen wordt. Maar het heeft bijeffecten; de informatie die tot ons komt
wordt steeds vluchtiger van karakter en wordt steeds vaker verpakt in
soundbites die ons er toe moeten verleiden om juist aandacht te besteden aan
een specifiek bericht. Dit gaat ten koste van de verdieping.

Meer en meer merk ik hoe zich dit vertaald in het dagelijkse
leven. Nieuws wordt steeds oppervlakkiger en blijkt meer en meer onbetrouwbaar.
Mensen krijgen daardoor een steeds korter attentieniveau voor de informatie of
berichten die ze ontvangen. Anno 2011 ervaar ik steeds vaker dat als je iets
vraagt aan iemand, het in toenemende mate moeite kost om aan de ander duidelijk
te maken wat jouw vraag of nieuws precies inhoud. De ontvanger hoort het half
aan of leest het globaal en is al bezig met het ontvangen of zich aan het voorbereiden
op de volgende brok informatie die op hem of haar afkomt. Je moet het al
helemaal in je hoofd halen om bijvoorbeeld in een e-mail twee of meer vragen
te stellen aan iemand. Dan kan je er bij voorbaat al vanuit gaan dat je maar
een half antwoord krijgt.

Lang dacht ik dat het desinteresse was van mensen in elkaar,
waardoor gemaakte afspraken, vertelde informatie of gestelde vragen niet
overkomen of blijven hangen. Maar nu denk ik dat de hersens van de moderne mens
weliswaar een honger hebben naar informatie maar deze hersens slechts in een
enkel geval in staat zijn iets te doen met die informatiestroom. Per saldo zal
er dus uiteindelijk slechts een heel klein deel van de aanhoudende informatie
die op ons afkomt ons werkelijk bereiken. Zodat het onderscheid tussen de
middeleeuwer en de moderne mens waarschijnlijk toch niet zo heel groot is.

Een kanttekening nog bij deze conclusie; zelfs voordat de
informatiemaatschappij zijn huidige vorm kreeg was het al onmogelijk om
afspraken te maken, een goed gesprek te hebben met, of door te dringen tot Brabanders
en Limburgers. Ik pleit dan ook voor een diepgaand onderzoek naar de
hersenwerking bij deze bevolkingsgroep. Ten opzichte van de middeleeuwer hadden
zij al een achterstand, welke ze nog steeds niet ingelopen hebben. Het is niet
voor niets dat de economische ontwikkeling in deze gebieden achtergebleven is
bij de rest van Nederland.

De lachende derde.

De NMA heeft vandaag invallen laten doen bij drie grote Telecom-
aanbieders van Nederland vanwege vermeende prijsafspraken waar wij als
consument de dupe van zijn omdat ze de vrije marktwerking verstoren. Als gevolg daarvan hebben wij als consument meer betaald voor hun producten dan wij eigenlijk
hadden moeten.

De normale gang van zaken is, dat als het onderzoek
uitwijst dat er inderdaad verboden prijsafspraken gemaakt zijn, dat er boetes
opgelegd worden in de orde van grootte die vaak niet misselijk zijn. Deze
boetes moeten op een of andere manier bekostigd worden door deze bedrijven en
ongetwijfeld zullen ze de rekening hiervoor bij de consument leggen. Zo is het
in het verleden ook gegaan bij andere boetes die opgelegd zijn aan
netbeheerders en andere organisaties waarvan bewezen werd dat ze verboden
prijsafspraken gemaakt hadden.

Moet ik als consument dus blij zijn met dit soort onderzoeken? Ik weet het niet.                  Ik heb als klant dus in eerste instantie teveel betaald, omdat er een boete opgelegd wordt moet ik in de toekomst bijdragen aan deze kostenpost voor de betrokken bedrijven want anders gaan hun aandeelhouders koeren. De opbrengsten van de boetes vloeien naar de staat en die heeft nog nooit belastingen verlaagd omdat de staatskas onverwacht gespekt werd.

Het lijkt mij dat het de consument is die dan voor een tweede keer getroffen wordt in zijn portemonnee, terwijl de staat de lachende derde is. Beter lijkt het mij dat degenen die daadwerkelijk de prijsafspraken gemaakt hebben persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk gesteld worden voor de aangerichte schade, in plaats van het opleggen van boetes aan de betrokken bedrijven.
Daar gaat veel meer een preventieve werking vanuit om dit soort kartelafspraken
in de toekomst de kop in te drukken. Het geld dat zij moeten betalen zou dan
bijvoorbeeld bij een goed doel terecht moeten komen of wellicht verdeeld kunnen
worden over de pensioenfondsen in Nederland, zodat het geld indirect weer
terugvloeit naar de consument.