Ontmoeting op het stand (2)

Foto: Sjoerd J. de Jong

Ik was er bij toen deze foto gemaakt werd. Een man en een vrouw die elkaar langs de vloedlijn willen passeren waarbij er een gesprek ontstaat waarvan na enkele minuten duidelijk af te lezen is dat beiden zich afwisselend niet gemakkelijk voelen bij datgene wat er besproken wordt. De afstand is te groot om te horen wat er besproken wordt maar mijn gedachten gaan terug naar een soortgelijke situatie die mij zo’n 20 jaar geleden overkwam.

Wandelend in Quakjeswater bij Hellevoetsluis kwam ik een man en vrouw met kinderwagen tegen waarvan de vrouw heel enthousiast reageerde met hé T hoe is het met jou! Ik had geen idee van wie zij was en dacht misschien dat het mij zo te binnen schiet als wij wat verder praten.  Zij kende mij overduidelijk en refereerde aan gebeurtenissen uit mijn middelbare schooltijd zodat ik er uit afleidde dat ik haar moest kennen van de Havo. Maar er ging nog steeds geen bel rinkelen met wie ik nu van doen had. Het gesprek begon daardoor steeds stroever te lopen, omdat ik haar niet kon plaatsen kon ik ook geen belangstellende vragen terug stellen of echt ingaan op haar vragen. Inmiddels waren er enkele minuten verstreken en lag het moment al ver achter ons waarop ik had kunnen zeggen; sorry ik herken jou niet, help mij eens op weg met wie jij ook al weer bent.  Opeens vroeg ze, zie jij H (een vriend van mij) nog wel eens? Waarop ik dacht waar ken jij die dan in vredesnaam van? Ik gaf een halfslachtig en ontwijkend antwoord omdat de verwarring bij mij alleen maar groter werd. In die sfeer van ongemakkelijkheid liep het gesprek dood, zeiden wij gedag tegen elkaar en ik vervolgde mijn weg.
Ondertussen malend en zoekend in mijn herinnering naar een aanwijzing met wie ik nu de afgelopen minuten had staan praten. Honderd meter verder wist ik het opeens… Mvan der T. Ik had met haar samen in de eerste klas gezeten van de Havo, haar daarna uit het oog verloren omdat zij naar een andere school gegaan was, maar haar een aantal jaren geleden nog gesproken op de bruiloft van H en S. Zij bleek een collega van H te zijn. Ik had haar niet kunnen plaatsen nu ze opeens achter een kinderwagen liep en er een man op het toneel bleek te zijn verschenen.

Zou zich zo’n zelfde voorval afspelen daar op het strand?   Of waren het gewoon ex geliefden die elkaar onverwacht en ongewild troffen. Het tafereel wat wij zagen straalde zo’n soort ongemakkelijkheid uit. Hoe het verder afliep
heb ik helaas niet meer kunnen zien want tegenwoordig heb ik een prostaat ter grootte van een granaatappel dus ik moest snel een strandtent opzoeken om naar de wc te gaan. Na daar nog wat gegeten en gedronken te hebben besloten wij nog even een stukje langs de boulevard te lopen voordat wij weer op huis aangingen. Op de parkeerplaats trof ik de man die wij op het strand gezien hadden. Een beetje overmoedig geworden door de wijntjes die ik net bij het eten gedronken had besloot ik hem aan te schieten en ik vertelde dat ik zijn ontmoeting gezien had op het strand, vertelde mijn associatie bij wat ik gedacht te zien te hebben en vroeg hem of hij wilde vertellen wat zich daarstraks nou werkelijk afgespeeld had.

Het bleek heel iets anders dan ik had gedacht. De man bleek single, het alleen zijn moe en in een opwelling had hij de vrouw, die hij niet kende, aangesproken met de vraag of hij haar baby kon leasen zodat hij goede sier kan maken bij zijn volgende date. Immers menig vrouwenhart klopt sneller bij zo’n vertederend beeld van een man die de zorg lijkt te nemen voor een klein kind. De man toont zijn toekomstig potentieel maar door de leaseconstructie komt hij de moderne vrouw, die gaat voor de lusten boven de lasten, tegemoet. De ideale start voor een moderne relatie.

In eerste instantie had de vrouw weliswaar afstandelijk maar toch welwillend gereageerd op zijn vraag. Daarna was  zij gaan doorvragen om te kijken of ze er achter kon komen wat voor vlees ze in de kuip had. Zo had zij gevraagd hoe hij tegenover kinderen stond en allochtonen. Waarop hij geantwoord had dat hij kinderen leuk vond zolang ze van een ander zijn en dat hij altijd de angst met zich meedroeg dat de kinderen uiteindelijk heel veel op hun ouders zouden gaan lijken. Dat dit idee hem benauwde omdat er tegenwoordig een groeiende trend is van onverdraagzaamheid jegens anderen en een steeds sterkere ik cultuur, dat de ouders dit op hun kinderen zullen overdragen. Over de allochtonen had hij grappend gezegd dat hij die hoofddoekjes wel een verrijking vond van de Nederlandse cultuur omdat het die mooie donkerbruine ogen van die vrouwen zo mooi uit liet komen. Voordat hij er toe kon komen om een serieus antwoord te geven op deze vraag was de vrouw met haar baby, Geert junior, zonder nog een woord te zeggen doorgelopen.

Ontmoeting op het strand

Foto: Sjoerd J de Jong

Hij: Jij met een kinderwagen, je gaat mij toch niet vertellen dat…..

Nee joh gekkie, ik sta vast met de kinderwagen in het zand en ik krijg hem niet verder geduwd. Omdat jij hier vlak achter de duinen woont dacht ik aan jou of jij mij kon komen helpen? Ik heb er echt wel over getwijfeld of ik je een sms zou sturen want het is tenslotte een jaar geleden dat wij elkaar gezien of gesproken hebben. Maar ik wist echt niemand anders die mij nu zou kunnen helpen, dus vandaar.

Hij: Pfffff, Van wie is dat kind dan? Je begrijpt toch wel dat mijn hart een paar slagen oversloeg toen ik jou zo langs de waterlijn zag staan met een kinderwagen en jij mij een sms stuurt dat jij mij heel dringend nu onmiddellijk wilt zien. Ik heb er een paar grijze haren bij gekregen. Wat is er dan precies aan de hand? Ben je ondertussen moeder geworden?

Nee joh, kijk eens goed in de kinderwagen. Er zit helemaal geen kind in. Het idee alleen al, ik moeder, daar slik ik een pilletje voor zodat dat nog even gaat duren. Nee er liggen een paar aardappelzakken in, de kinderwagen heb ik geleend van Carla, je weet wel mijn vriendin. Ik werd vanochtend wakker en dacht die cursus communicatiewetenschappen die ik volg bij de LOI is wel leuk maar eigenlijk zou ik graag iets doen waar ik wandelen en contact met mensen kan combineren. Toen zag ik in de krant dat de strandvierdaagse binnenkort weer van start gaat. Ik dacht zou het niet leuk zijn als ik met ze opwandel en ze onderweg van eten en drinken zou voorzien. Een opstapje naar mijn eigen bedrijf. Dus heb ik die kinderwagen van Carla geleend en om te oefenen er een paar zakken aardappels ingelegd, om te simuleren dat de wagen vol zit met eten en drinken die ik onderweg dan ga verkopen. Maar ja nu sta ik vast en ben ik bekaf. Daarom heb ik jouw hulp ingeroepen want ik kom zo niet meer verder en het water komt op. Straks verdwijnt de kinderwagen onder water en wordt Carla hartstikke boos op mij als dat zou gebeuren, met die tweede op komst binnenkort.

Hij: Nog altijd even impulsief hè. Hoever ben je gekomen? 500 meter? Laten wij maar snel die aardappelen uit de kinderwagen halen om die kinderwagen lichter te maken. Hoeveel zakken liggen er wel niet in? Je had weer eens grote plannen. Pak van mijn hart dat het niet is wat ik dacht. Eigenlijk wel fijn je weer te zien. Kom ik zal je eerst een zoen geven.