
Vlieg op een blad

Kind van de rekening
Een aantal jaren geleden stond er een artikel in de Human onder de titel “Perverse prikkels”. Het handelde over het feit dat de overheid maatregelen neemt om problemen op te lossen maar dat deze maatregelen met enige regelmaat nieuwe problemen creëren waardoor de genomen maatregel eigenlijk een tegengesteld effect heeft.
In het kader daarvan zag ik de afgelopen week een aantal van dit soort effecten voorbijkomen.
De NS heeft voor het zoveelste achtereenvolgende jaar weer een boete gekregen omdat ze de doelstelling niet gehaald heeft om het percentage, waarbij treinen geen of weinig vertraging oplopen, te halen. De reiziger is degene die getroffen wordt door deze vertragingen maar omdat de opgelegde boete aan de NS betaald moet worden uit het bedrijfsresultaat zal de NS links of rechtsom de rekening bij de reeds gedupeerde reiziger leggen.
Gisteren was in het nieuws dat er diverse gemeenten zijn die hun ICT beveiliging niet goed op orde hebben. Er zijn diverse datalekken waarbij de gegevens van inwoners op straat komen te liggen, in sommige gevallen zijn deze gegevens zo gevoelig dat er identiteitsfraude mee gepleegd kan worden. In nieuwsuur kwam de voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens, Aleid Wolfsen, aan het woord en zijn antwoord op deze situatie was dat de boetes voor de instellingen en gemeenten verhoogd gaat worden. Van een maximale boete van 800.000 naar 20 miljoen. Wederom lijkt hier weer sprake van hetzelfde gegeven: De inwoner is de dupe van het lek maar als de gemeente waar hij woont een boete van die orde opgelegd krijgt zal de inwoner, samen met de andere inwoners die gelukkig niet de dupe geworden zijn van dit lek, uiteindelijk de rekening gepresenteerd krijgen. Tweemaal het slachtoffer van iets wat buiten zijn verantwoordelijkheid en macht ligt. Daarnaast zal de opgelegde boete er toe leiden dat de gemeente die zijn zaken niet op orde had, nog minder geld te besteden heeft om zijn zaken wel op orde te krijgen.
Ik zou zo nog een aantal voorbeelden aan kunnen halen, maar ik mij het meest over verwonder is dat de logica mij ontgaat. De rijksoverheid staat er niet om bekend dat zij erg bereidwillig is om haar eigen verantwoordelijkheid te nemen maar stuurt er wel sterk op aan om bijvoorbeeld bij verkeersovertredingen de “bestuurder” verantwoordelijk te houden. In het geval dat er een snelheidsovertreding met mijn auto gemaakt wordt en ik wordt niet ter plekke daarvoor aangehouden stelt het CJIB mij als houder van het kenteken aansprakelijk voor de boete. Het maakt niet uit of iemand anders op het moment van de overtreding mijn auto bestuurde. Het is aan mij om, in het geval dat ik mijn auto uitgeleend had, de bestuurder aansprakelijk te stellen voor de boete.
Daar lijkt het mis te gaan in de bovengenoemde voorbeelden. De organisatie wordt terecht beboet omdat zij regels overtreedt maar is er vervolgens volledig vrij in om deze kosten bij haar gebruikers te leggen die er helemaal niets aan kunnen doen dat deze overtredingen gepleegd worden en daar in eerste instantie al de dupe van zijn. Het is op deze manier een systeem van boetes dat niets oplost. Er is geen prikkel om de bestaande situatie effectief en structureel aan te pakken. De sleutel ligt volgens mij bij het aansprakelijk stellen van de “bestuurder” en bij die persoon de verantwoordelijkheid te leggen van het voldoen van de opgelegde boete. Daar ligt een taak van de overheid want nu is het systeem van boetes een prikkel welke eigenlijk alleen ongewenste effecten sorteert.
Nijntje Bijbel
Aan het begin van deze eeuw hadden wij een aantal elkaar opeenvolgende kabinetten welke, iedere keer dat zij onpopulaire, ondoordachte of ongewenste wetten uitvaardigden die stuitten op publieke verontwaardiging, reageerden met de opmerking dat het idee er achter juist wel heel goed was maar dat ze het wellicht niet goed uitgelegd hadden. Waarmee de hele kwestie in feite teruggebracht werd tot een marketing probleem.
Blijkbaar is deze manier van denken blijven hangen in de christelijke wereld want vandaag is er een nieuwe Bijbelvertaling verschenen. Herschreven naar het niveau van de gemiddelde VMBO-leerling. Ik wil niet tornen aan de boodschap die de Bijbel uitdraagt, zelf heb ik de 10 geboden altijd als goede richtlijnen gezien om de beschaving binnen de samenleving te waarborgen. Een soort voorloper van de wetgeving die in de loop van de eeuwen zijn vorm gekregen heeft. Bedenkelijk vind ik echter wel dat het niveau van het VMBO blijkbaar de norm geworden is. Waar in de Nieuwe Bijbelvertaling, uit 2004, nog ruim 11000 verschillende woorden werden gebruikt is dit in de nieuwe Bijbel in Gewone Taal teruggebracht tot nog geen 4000.
In 10 jaar tijd is het intellectuele niveau van de samenleving blijkbaar zo teruggelopen dat 7000 woorden qua betekenis te hoog gegrepen zijn voor een groot deel van de de bevolking. Dat zegt een hoop over de kwaliteit van het hedendaagse onderwijs maar voorspelt ook weinig goeds voor toekomstige ontwikkelingen.
Als de afbraak in dit tempo door blijft gaan overweeg ik om in 2024 een Nijntje versie van de Bijbel uit te brengen. Deze zal dan ongetwijfeld voldoen aan het intellectuele niveau dat dan tot norm verworden zal zijn.
Sorry
Spraakgebruik en omgangsvormen veranderen in de loop van de tijd. Het is een fenomeen dat tegelijkertijd fascinerend als soms behoorlijk wennen is. Naast het feit dat je hier dagelijks mee geconfronteerd wordt in de omgang met andere mensen worden wij er ook op getrakteerd op televisie, waar wij dankzij programma’s als Big Brother, De Gouden Kooi, Utopia en hoe ze verder ook mogen heten, kunnen zien hoe mensen anno nu met elkaar omgaan en met elkaar spreken. Dankzij de voortschrijdende techniek kunnen wij dit allemaal uitgebreid volgen als ware de wereld een zich steeds verder ontwikkelende freakshow.
Persoonlijk is mij opgevallen dat een toenemend aantal mensen in de loop van de afgelopen jaren moeite gekregen heeft met het uitspreken van het woord “sorry”. Ik merk het in het verkeer, waar steeds vaker degene die dit woord in zijn of haar mond zou moeten nemen dit juist verlangt van degene die slachtoffer geworden is van het handelen van die persoon, maar ook in mijn persoonlijke omgeving. Als ik een vriend of vriendin dan aanspreek op een bepaald handelen dan zijn ze na enig tegenstribbelen bereid om het woord sorry in de mond te nemen. Vaak niet van harte. Het zal de tijdgeest zijn. Laten we eerlijk zijn, een afgedwongen excuus is toch eigenlijk helemaal geen excuus.
Blij verrast was ik dan ook toen ik enige tijd geleden tot de ontdekking kwam dat de voortschrijdende techniek inspeelt op de door mij geconstateerde ontwikkeling. Mijn smartphone bevat een uitgebreid woordenboek van waaruit hij suggesties doet als ik berichten schrijf aan anderen. De beste woordenlijst die ik ooit in een telefoon gehad heb. Hij doet de juiste suggesties bij het gebruik van moeilijke woorden en ook op het gebied van spelling toont hij mij het juiste gebruik van d, t of dt. De lijst is ook heel actueel in hoe woorden anno 2014 geschreven behoren te worden. Zo actueel zelfs dat hij het woord “sorry”niet kent. Onlangs wilde ik aan iemand mijn excuses aanbieden via mijn smartphone en de boodschap die ik aan de ander verstuurde bleek uiteindelijk te luiden: “Siert dat ik dat gezegd heb, dat had ik niet moeten doen.” Dit verhoogde uiteraard het onbegrip bij de ontvanger waardoor er kortstondig een “Gouden Kooi” momentje ontstond.
Het grappige is dat, hoewel ik ondertussen het woord “sorry” toegevoegd heb aan mijn woordenboek, hij nog steeds andere woorden voor mij invult als ik het woord wil gebruiken in tekstberichten. Maakt het des te duidelijker dat als je in het huidige tijdgewricht het woord “sorry”wilt gebruiken, je dit weloverwogen en gecontroleerd moet doen voordat je het overbrengt aan een ander.
Heldendom
Zo af en toe hoor ik op de radio een persoon zeggen dat iemand hun held is, vaak blijkt dit dan een of andere popmuzikant te zijn. Persoonlijk heb ik niet zoveel met het begrip held. Ik zou in ieder geval niemand kunnen bedenken die ik als mijn held beschouw. Zeker niet als ik dan daarbij de definitie hanteer die de dikke van Dale geeft voor het begrip held; “iemand die uitblinkt door moed”. Hoezo, kan je met zo’n definitie een muzikant tot held uitroepen?
Vanochtend viel er een brief op de mat afkomstig van de gemeente Den Haag waarin verteld wordt dat ze op zoek zijn naar helden. Het schijnt dat er ruim 158.000 Haagse helden zijn, dit op een inwoneraantal van ruim 500.00 mensen. Dit betekent dat een op de drie mensen die ik op straat tegenkom dus in potentie een held is. Dat lijkt mij toch een lichte uitholling van het begrip held. Maakt Den Haag hiermee kans om uitgeroepen te worden tot de stad die procentueel de meeste helden herbergt ter wereld? Rennen al die mensen de hele dag rond om met gevaar voor eigen leven mensen uit brandende huizen te trekken of ander onheil af te wenden? Dan kan het toch niet anders zijn dan dat ze met enige regelmaat de hulpdiensten voor de voeten lopen en volgens mij is dat juist weer iets waar de overheid ons in toenemende mate voor waarschuwt dat toch juist niet te doen?
Verdere lezing van de brief geeft gelukkig opheldering. Het blijkt dat deze mensen vrijwilligerswerk doen! Moedig strijdend voor het in standhouden van sportverenigingen, zorginstellingen en bewonersorganisaties en andere activiteiten, die anders niet meer voort zouden kunnen bestaan door de intensieve bezuinigingen die afgelopen jaren de burger treft. Dit laatste staat niet met zoveel woorden in de brief, maar het verband is onmiskenbaar.
Om nieuwe helden te ronselen heeft de gemeente zelfs een heuse website in de lucht gebracht: www.haagsehelden.nl . Benieuwd hoeveel nieuwe helden er noodzakelijk zijn om de volgende bezuiniging die het welzijn van haar burgers aantast succesvol door te kunnen voeren.
De brief is verstuurd door de wethouder van Jeugd, Welzijn en Sport, Karsten Klein en in mijn boek is hij de ware held in dit verhaal. Deze brief versturen, waarin hij onverholen een beroep doet op de burger om zo zijn eigen politieke doelen te verwezenlijken (bezuinigen). De nadenkende potentiële Haagse held zal zich bij zo’n oproep toch een paar keer achter zijn oren krabben lijkt mij. Zeker met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht. Karsten is een moedig man.
Bijstandstourette
Jetta Klijnsma is in haar opdracht om iedere inwoner van Nederland weer aan het werk te helpen gestuit op een fenomeen dat mensen in de weg zou kunnen staan om aan een betaalde baan te geraken vanuit de bijstand. Het betreft het zogenaamde “Bijstandstourette”. Blijkbaar zijn er mensen in de bijstand die zo volks praten, onverstaanbaar zijn en zo veel vloeken in iedere zin die ze uitspreken, dat dit het verkrijgen van een baan in de weg staat.
Ik weet niet of het een officieel erkende medische aandoening is, het woord komt in ieder geval in aanmerking voor de verkiezing van het woord van 2014, maar Jetta weet wel hoe deze aandoening met succes onder controle gebracht zou kunnen worden. Automatisch als sanctie 3 maanden geen uitkering. Kleed jij je niet gepast genoeg bij een sollicitatie of weiger je een baan te accepteren in een andere stad, idem. Sowieso lijkt het de gepaste maatregel te zijn dat als je het zover hebt laten komen dat je in de bijstand belandt dat je de eerste maand geen uitkering krijgt.
Dit in het kort de uitgangspunten in haar nieuwe Bijstandswet. Er lijken haar een aantal zaken te ontgaan. Er is een crisis en er zijn niet zoveel banen op het moment, de banen die er zijn, zijn over het algemeen in het westen van het land te vinden in de steden of daar in de buurt. In bijna al die steden is er een jarenlange wachtlijst voor sociale huurwoningen, iets waar je op aangewezen bent als je vanuit de bijstand op zoek gaat naar een andere woning. Verhuizen kost geld, iets wat je niet of nauwelijks hebt als je in de bijstand zit, zeker als je net als welkomstbonus een maand geen inkomsten hebt gekregen omdat je het lef gehad hebt om in de bijstand te belanden. Een van de eerste dingen waar je in zal moeten snijden als jouw inkomsten sterk terugvallen is kleding kopen, het is niet voor niets dat er initiatieven zijn als dress for success. Je zult jouw sociale netwerk/vangnet van vrienden en familie achter moeten laten voor de zekerheid van een tijdelijk contract, geen uitzicht op een betaalbare woning maar wel het vooruitzicht je te vestigen in een gemeente waarvan je niet weet wat voor maatregelen die voor jou in petto heeft op het gebied van de werkverschaffing als je onverhoopt weer in de bijstand mocht belanden als het tijdelijk contract om wat voor reden dan ook niet verlengd zou worden. Waar je in de ene gemeente geholpen wordt om zo snel mogelijk een betaalde baan te vinden kan het heel goed zijn dat je in een andere gemeente jij je moet hijsen in zo’n fraai oranje pak om papiertjes te rapen omdat dit zo goed staat op jouw CV als blijk van opgedane werkervaring.
Uiteraard heeft een ieder de verplichting om zijn uiterste best te doen om zo snel mogelijk weer volwaardig deel te nemen aan de samenleving maar de bijstand is destijds ingesteld als laatste financiële vangnet. Je helpt en motiveert mensen echt niet door ze op nog grotere (financiële) achterstand te zetten. De gemeenten hebben al laten weten dat er volop handvatten zijn binnen de huidige bijstandswet om de onwillige te dwingen actief op zoek te gaan naar werk.
De voorgestelde maatregelen lijken niet zozeer bedoeld te zijn om mensen weer succesvol deel te laten nemen aan de samenleving als wel diep in te grijpen in de sociale levenssfeer. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?
Wellicht zou het beter zijn om incompetente beleidsmakers met asociale voorstellen een enkeltje te geven naar de voor hen speciaal ingestelde nieuwe bijstandswet en dan kijken of ze na een paar maanden bezwijken onder de financiële druk en symptomen van “Bijstandstourette”ontwikkelen.
Sinterklaasperikelen
De komst van Sinterklaas is dit jaar weer eens ingeluid door de discussie over het fenomeen “Zwarte Piet”. Zelfs de premier was bereid er enkele woorden aan te wijden.
Wat in mijn ogen onderbelicht blijft in deze discussie is dat bij velen, door de recente onthullingen over het seksueel misbruik in de Katholieke kerk, toch de koude rillingen over de rug lopen als ze een kind zien in de nabijheid van een man in habijt. Die mannen hebben toch een reputatie gekregen dat ze moeite hebben met het thuishouden van hun handen. Zich voordoen als een vriendelijke oude man die cadeautjes uitdeelt en kinderen paait is toch een vorm van grooming.
Dat schijnbaar belangeloos uitdelen van cadeaus zonder daar een gerichte tegenprestatie voor te vragen geeft de kinderen natuurlijk ook een volstrekt verkeerd beeld van hoe het in de participatiesamenleving aan toe zou moeten gaan. Laat die kinderen bijvoorbeeld als tegenprestatie voorlezen uit 50 tinten grijs in het plaatselijke bejaardentehuis zodat de gedachten van die oudjes ook even afgeleid worden van al hun pensioenperikelen en de val van hun boegbeeld Henk Krol.
Pieten die wel dreigen met het straffen van stoute kinderen maar daar geen vervolg aan geven staat natuurlijk ook haaks op het zero tolerance beleid van deze regering.
De komst van de oude man met de baard en zijn gevolg creëert gewoon onrust en onduidelijkheid in onze samenleving door de gemengde signalen die hij afgeeft door zijn handelen en verschijning. De politieke correctheid van zijn komst zou zeker ter discussie moeten staan.
Aanleuncrematoria
Afgelopen week werd bekend dat ouderen wier gezondheid niet meer toelaat om zelfstandig te blijven wonen en er (financieel) warmpjes bij zitten een eigen bijdrage moeten gaan betalen als ze de overstap gaan maken naar een verzorgingstehuis.
Deze maatregel is een logisch uitvloeisel van de ideeën die deze regeringscoalitie samengebracht heeft. De VVD staat op het standpunt dat als je geen nuttige (financiële) bijdrage meer levert aan de samenleving, je dan moet bloeden. De PVDA lijkt zich meer en meer in deze visie te kunnen vinden sinds ze besloten heeft de nadruk op het woord arbeid te leggen in haar naamgeving. Maar dat wil nog niet zeggen dat ze haar andere verkiezingsbeloften van solidariteit, werkgelegenheid en duurzaamheid uit het oog verloren heeft.
Uit een welingelichte bron bij het betrokken ministerie die anoniem wil blijven (code naam “Hete luchtoven”) heb ik vernomen dat de nu bekend geworden plannen slechts een eerste stap zijn in een reeds tot in detail uitgewerkt plan. De geïnde eigen bijdragen zullen aangewend worden voor de realisering van een project waarbij zowel de doelstellingen van VVD en PVDA in een ruilhandel gerealiseerd worden. De VVD zorgt voor het bloeden en de PVDA zorgt dat de componenten solidariteit, werkgelegenheid en duurzaamheid genoegzaam aan bod komen.
Het idee is als volgt; de geïnde eigenbijdragen worden gebruikt voor de realisering van zogenaamde aanleuncrematoria bij de verzorgingstehuizen. De lichamen van de overleden bewoners van de verzorgingshuizen, in de ambtelijke stukken aangeduid als biomassa, worden verbrand in de nieuw gebouwde aanleuncrematoria. De warmte die daarbij vrijkomt wordt gebruikt om het betreffende verzorgingstehuis van warmte en warm water te voorzien. De behoefte aan warmte is het grootst gedurende de wintermaanden en dat is de periode waarin de meeste ouderen het tijdelijke voor het eeuwige inwisselen. Er zijn berekeningen gemaakt waarvan de uitkomst is dat de verwachte doorstroomsnelheid voldoende zal zijn om een continue warmtevoorziening te waarborgen. Mocht dit echter niet het geval zijn dat is de aanname dat door de lagere temperatuur in het verzorgingstehuis deze doorloopsnelheid vanzelf weer stijgt.
Als Trudy van 5c gecremeerd wordt kunnen de andere bewoners dat moment benutten om behaaglijk tegen de CV aan te kruipen of genieten van een warme douche en daarbij warme gedachten te hebben aan de nagedachtenis van Trudy. Dit is het solidariteit aspect.
De duurzaamheid zit in het feit dat het verzorgingstehuis op deze manier zelfvoorzienend wordt in haar warmtevoorziening zonder een al te grote belasting te vormen voor het milieu. De werkgelegenheid wordt gestimuleerd door de bouw van de zogenoemde aanleuncrematoria. Sinds de woningmarkt op zijn gat ligt lijkt dit de impuls die bouwend Nederland goed kan gebruiken.
Door het op deze manier terugbrengen van de energiekosten van de verzorgingstehuizen lijkt er ook weer financiële ruimte te komen voor de verzorging van de bewoners. Ik heb al gezien dat er plannen liggen om de bewoners in plaats van biscuitjes bij de thee, te verassen met gevulde koeken!
Een aspect van deze plannen lijkt mij toch onderbelicht te blijven in de plannen voor zover ik ze tot nu toe gezien heb en dat is dat de oudjes tijdens een heel koude winter gaan beraadslagen welke zwakkere in hun samenleving die dag voor een warme douche moet gaan zorgen. Maar wat de uitkomst ook mogen zijn van een dergelijk weerzinwekkend overleg, het is wel tot stand gekomen via een democratisch proces.
Op een zinkende Titanic
Naarmate ik ouder word dringt het besef meer en meer door dat veel niet is wat het op het eerste oog lijkt. Ik volg de krant, kijk naar actualiteiten programma’s, werp een aantal keer per dag een blik op teletekst en probeer op basis van de informatie die tot mij komt een beeld te vormen over de nieuwsfeiten die mij bereiken.
Veel nieuws is vluchtig en het gebeurt regelmatig dat als ik een item lees op teletekst deze een uur later een andere kop blijkt te hebben, vaak ook aan andere inhoud. Als buitenstaander is het lastig om te toetsen op welk moment de gepresenteerde informatie de werkelijk juiste informatie bevat. Meestal is het afwachten totdat de informatie rond een nieuwsfeit uitgekristalliseerd is en je meer hoort en leest over de achtergronden.
De volgorde waarin het nieuws de huiskamer binnenkomt, is meestal teletekst, internet, radio, televisie, krant, om dan uiteindelijk op een later moment uit te kristalliseren in een item of artikel in de krant of op televisie waarin het onderwerp uiteindelijk uitgediept wordt. Gedurende dat hele proces ben je voor de betrouwbaarheid van de nieuwsvoorziening afhankelijk van de integriteit, zorgvuldigheid en grondigheid van de verslaggever/journalist die het nieuws voor jou ontvouwt.
Gisteravond zag ik in de uitzending van Kassa het huis, hoofd en verhaal van een oud schoolgenoot. Ik heb twee jaar bij Gerhard in de klas gezeten op het VWO, maar onze eerste kennismaking gaat terug naar de tijd dat ik nog bij de d-tjes speelde bij sc Botlek. Ik ken hem dus al 40 jaar. Hij was tijdens en na mijn middelbare schooltijd een vriend van een vriend en in die hoedanigheid ben ik een keer bij hem thuis geweest. In het huis dat ik gisteren in de reportage zag op televisie.
Dit was de derde keer dat hij opdook. Eerder had ik een bijna pagina groot artikel over hem gelezen in de Volkskrant waarin zijn boek over het versneld aflossen van je hypotheek aan de orde kwam. Enkele weken later zag ik hem verschijnen in een reportage van Eenvandaag waar hij als politicoloog gepresenteerd werd met een visie op het versneld aflossen van hypotheken. En nu dus gisteravond. Waar hij verkondigde dat in zijn visie de hypotheekmarkt een zinkende Titanic is.
Ik heb Gerhard al in geen twintig jaar meer gesproken maar toen er in 2006 een reünie van onze oude school gehouden werd heeft hij een stukje over zijn wedervaardigheden sinds de middelbare school geschreven. Op dat moment had hij naast zijn huis in Rijsoord ook nog vakantiehuizen in Overijssel en het Oostduitse Sachsen.
Kijk dit is informatie die zijn boodschap toch in een ander daglicht zet. Tweede en dus ook derde huizen zijn niet hypothecair aftrekbaar van de belasting. Dat kan met de huidige economische ontwikkelingen als een heel grote strop om je nek hangen, zeker als je freelancer bent en het geheel gefinancierd hebt met een aflossingsvrije hypotheek. Waarschijnlijk komt deze informatie wel aan bod in zijn boek, wat ik niet gelezen heb, maar het ontbreken van deze achtergrond informatie zet het artikel in de krant en in de twee televisie reportages toch wel in een ander daglicht. Net als het feit dat hij bij Eenvandaag gepresenteerd werd als politicoloog.
Ik ken iemand die tijdens zijn militairendiensttijd opgeleid is tot brandweerman en een aantal jaren dit ook daadwerkelijk is geweest. Dat ligt echter al zo’n 30 jaar achter hem. Hij presenteert zich dus ook niet als Eric de brandweerman. Gerhard heeft politicologie en planologie gestudeerd maar is als zodanig nooit werkzaam geweest zover ik weet. Ongetwijfeld heeft de redactie van Eenvandaag er voor gekozen om hem als Politicoloog te presenteren om het onderwerp wat meer gewicht te geven, maar wordt er daardoor niet een beeld geschetst wat het onderwerp van de hypotheekaftrek toch enigszins uit zijn verband trekt?
Als historicus, jawel de opleiding gevolgd maar er nooit in werkzaam geweest, doet het toch twijfels oprijzen over wat wij wel en niet kunnen geloven over wat wij in historische teksten lezen en vanwaar uit wij trachten een correct beeld te creëren over het verleden.
Informatie die tot ons komt is vluchtig en vooral gecreëerd door mensen wier belangen, inzicht en de grondigheid van hun speurwerk in belangrijke mate de kwaliteit bepalen van de inhoud. Het lijkt er op dat onze informatievoorziening meer en meer een zinkende Titanic aan het worden is.
