Afgelopen zondag zag ik kort wat beelden van de herdenking
van 11 september op Ground Zero. Ik begrijp het gevoel van de nabestaanden om
stil te willen staan bij dit moment en de emoties die het bij hen oproept. Toen
ik de beelden 10 jaar geleden voor het eerst zag leek het net alsof ik naar een
voorvertoning van een nieuwe James Bond film zat te kijken, zo onwerkelijk
waren de beelden. Bijna 3000 onschuldige slachtoffers en een nationaal trauma
omdat de VS aangevallen was op eigen grondgebied.
In goed Joods-christelijke traditie van “oog om oog en tand om tand” doen de Amerikanen nu hetzelfde in Afghanistan, Pakistan en voorheen in Irak. Met onbemande vliegtuigjes, de zogenaamde drones, bestuurd vanaf een andere plek op de wereld, bestoken ze dorpen en samenkomsten van mensen. Daarbij vallen regelmatig onschuldige slachtoffers omdat men zich vergist, zich baseert op onjuiste informatie of het gewoon ziet als collateral damage. Woorden die de afgelopen 10 jaar het nieuws beheersten, onvermijdbare en bijkomende onschuldige slachtoffers. Ik denk dat Osama Bin Laden de slachtoffers van de door hem beraamde aanslagen op de Twin Towers destijds ook zo zag, als onderdeel van
het doel dat hij wilde bereiken. Ook in deze landen worden gezinnen, families
uiteengerukt in een James Bondachtige setting.
Het drama in het winkelcentrum van Alpen a/d Rijn en kortgeleden
de moordpartij op het Noorse eiland verschillen in essentie niet wezenlijk van
de zelfmoordaanslagen die plaats vinden in de bovengenoemde landen. Het leven van
mensen die niets, met wat voor strijd of denkbeelden dan ook te maken hebben, wordt
beëindigd of krijgt een traumatische wending die bepalend kan zijn voor de rest
van hun leven.
Bij ons, in het westen, zijn het incidenten terwijl het elders in de wereld gruwelijkheden zijn die aan de orde van de dag zijn. Wij hebben hier de financiële middelen en infrastructuur om de aangerichte schade te herstellen en er een leger psychologen op af te sturen die de nabestaanden en getroffenen geestelijk ondersteunen. Ik weet zeker dat iets als slachtofferhulp een onbekend fenomeen is in landen als Pakistan en Afghanistan.
Hele generaties groeien daar al decennialang getraumatiseerd op door dit soort
gruwelijke gebeurtenissen en dat legt een rekening op de toekomstige ontwikkeling van welzijn, gedachtevorming en de vrede in de wereld.
Wat ik miste bij de herdenking van afgelopen zondag, is het hardop uitgesproken besef dat het leed dat de nabestaanden getroffen had op dezelfde manier dagelijks velen treft waar niet collectief bij stilgestaan wordt. De wereld lijkt niet alleen verdeeld in arm en rijk en verschillende levens- en geloofsovertuigingen maar vooral te lijden aan een “Wij en Zij”
beleving. Alsof de levens van de mensen in Pakistan, Afghanistan en al die andere landen waar geweld een onderdeel is van het dagelijkse bestaan, er minder toe doen als die van ons.
